Hoe garanderen waterbedrijven leveringszekerheid van kraanwater?

Altijd voldoende water uit de kraan? Dat is een hele uitdaging. De Vlaamse waterbedrijven zetten daarom in op een systeemaanpak met nauwe onderlinge samenwerking.

Deze aanpak heeft tot doel om kwaliteitsvol drinkwater te kunnen blijven leveren, ook in moeilijke omstandigheden. Zowel binnen hun eigen bedieningsgebieden als op Vlaams niveau. Daarvoor werken ze op vijf verschillende fronten:

  1. bronnen diversifiëren, optimaliseren en beschermen;
  2. samenwerken;
  3. investeren in infrastructuur;
  4. innoveren;
  5. en niets verloren laten gaan.

Vandaag stellen we vier concrete projecten voor die de leveringszekerheid vergroten.

Ganzepoot

Pilootinstallatie zuivert zowel zoet, brak als zout water

Aan sluizeninstallatie de Ganzepoot onderzoeken waterbedrijven Aquaduin, De Watergroep en FARYS zowel de technische als economische haalbaarheid van een waterproductiecentrum dat zowel zoet, brak als zout water kan zuiveren tot drinkwaterkwaliteit. Zo kunnen de waterbedrijven snel schakelen afhankelijk van de waterbeschikbaarheid en indien nodig zelfs zeewater aanwenden als bron die ook bij langdurige droogte beschikbaar blijft.

De Ganzepoot is daarmee een belangrijke pijler in de strategie van de drie waterbedrijven om een klimaatrobuuste watervoorziening uit te bouwen. Als de innovatieve technologie positieve resultaten kan voorleggen, wordt tegen 2025 een nieuw waterproductiecentrum gebouwd dat drinkwater kan leveren voor ruim 30.000 gezinnen.

Afvalwater als bron voor proceswater voor lokale industrie

In de Antwerpse haven bouwt water-link samen met verschillende partners in een publiek-private samenwerking aan Waterkracht. Een nieuwe hoogtechnologische zuiveringsinstallatie. Daarin wordt met membraantechnologie het aangeleverde, gezuiverde afvalwater – of effluent – opgewaardeerd tot proceswater voor de lokale industrie. Tegen 2025 moet de fabriek het afvalwater van 600.000 inwoners behandelen en 20 miljoen kubieke meter proceswater per jaar produceren. Een nieuw leidingdistributienetwerk moet het circulaire koelwater vervolgens transporteren naar de bestemming.

Zo slaat water-link twee vliegen in één klap. Het verhoogt de leveringscapaciteit voor proceswater in de haven en het verlaagt de druk op de zoetwatervoorraden door gebruik te maken van een alternatieve waterbron. Elke druppel die hergebruikt wordt is er immers één die we niet moeten oppompen uit de grond of uit oppervlaktewater.

Pidpa water link

Nieuwe verbindingsleiding verhoogt interconnectiviteit

In 2018 sloten Pidpa en water-link een samenwerkingsovereenkomst af waarbij vier projecten gedefinieerd zijn. Één van die projecten is in 2021 afgrond. Een nieuwe verbindingsleiding zorgt voor een betere verbinding tussen de distributienetten van beide waterbedrijven zodat ze elkaar beter kunnen ondersteunen in functie van de waterbeschikbaarheid. Ze kunnen immers beroep doen op twee waterbronnen: grondwater van Pidpa en oppervlaktewater van water-link. Het is een mooi voorbeeld van een samenwerking die meer leveringszekerheid inbouwt voor de klanten.

ASR

Drinkwater opslaan in ondergrondse waterlagen

Het aanbod van oppervlaktewaterbronnen is erg variabel. In sommige periodes is er te veel water, in andere te weinig. Met de ‘Aquifer Storage and Recovery’ of ASR-techniek, slaan de waterbedrijven drinkwater op in een ondergrondse waterlaag tijdens periodes van overaanbod. Bij schaarste pompen ze dit water opnieuw op. Daarbij maken de waterbedrijven gebruik van bestaande productie-infrastructuur om, in perioden van overaanbod van ruw water, extra drinkwater te produceren aan marginale kost. Vervolgens wordt het via putten geïnjecteerd in een ondergrondse waterlaag.

Verkennende studies van De Watergroep en het Royal Belgian Insitute of Natural Sciences – Geological Survey of Belgium, tonen aan dat een locatie in Zuid-West-Vlaanderen hiervoor geschikt zou kunnen zijn. Verder onderzoek is echter noodzakelijk. Aquaduin, De Watergroep en FARYS voeren momenteel kleinschalige testen uit om de kwaliteit van het water te controleren en om na te gaan of de techniek rendabel is. Daarnaast wordt de mogelijkheid onderzocht om de ASR-techniek te combineren met hergebruik van effluent van een rioolwaterzuiveringsstation.

Carl Heyrman

Algemeen directeur AquaFlanders